Wie ben ik als ik alle tekortkomingen en denken dat dat bestaat, loslaat? Hoe meer ik me bewust op die plaats zet waar alles oké is, ieders realiteit, hoe meer ik opmerk hoe vaak er gekeken wordt naar dat wat er niet is. Ik was uitgenodigd als buur in de Steinerschool om naar het koor te luisteren. De meester (directeur?) sprak de buurtbewoners toe dat het geen genre is van 'perfect zijn'. Dat het niet gaat om 'goed' te zingen. Dat we mochten ervaren hoe de kinderen van het 4e, 5e en 6e leerjaar elke week samenkomen om te zingen. Dat het eigen is om met goesting te zingen ieders naar zijn/haar kunnen. Samenzijn en samen zingen afgestemd op elkaar. Ik was bewust van gedachten van afkeuring dat er kinderen waren die kozen om te spelen en te fluisteren. Dat er waren die niet opletten. Een spiegel voor mezelf en mijn eigen speelsheid dat ik heb opgegeven om braaf te zijn, gehoorzaam én vooral niet te dromen in mijnen tijd. Wat is er nog meer mogelijk als ik de kinderen op...